Marc Scrooge Rutte

Je zou zeggen dat Nederland, als een van de oprichters van de Europese Unie, achter de uitgangspunten van de EU staat. Je hoeft het niet altijd met elkaar eens te zijn, je mag best voor jezelf opkomen, maar een paar zaken zijn in beton gegoten.

Een van deze, en misschien wel de belangrijkste, is dat de lidstaten elkaar helpen, solidariteit tonen, in tijden van nood. Als dit in het bestaan van de EU ooit getest werd was, dan is het nu wel.

En welk land laat het op dit cruciale moment afweten? Nederland, nota bene. Italië en Spanje doen een beroep op het Europese noodfonds, maar Rutte speelt het hoog, stelt strenge voorwaarden aan hulp, wil niet zomaar geld beschikbaar stellen. ‘Njet, no, nee’, zegt Scrooge de vrek.

De kritiek kwam snel en was hevig. In een Duitse krant riepen Italiaanse politici, burgemeesters en anderen Duitsland op toch vooral niet de kant van Nederland te kiezen. Ook binnen Nederland was er verontwaardiging, onder andere van Nout Wellink, de voormalig directeur van de Nederlandsche Bank. Zonder het zuiden geen rijk noorden, zo is zijn devies.

Kan zijn, maar daar gaat het nu niet om. Italië is in een heftige strijd verwikkeld met een dodelijk virus, er sterven elke dag honderden mensen, artsen en verpleegkundigen zijn aan het eind van hun Latijn, de Italianen zitten al weken binnen, de economie dreigt de klippen op te lopem. Het ligt niet aan Italië, het land heeft een prima gezondheidszorgsysteem en heeft vroeg – misschien wel iets te laat, maar toch – strenge maatregelen getroffen. Het heeft hulp nodig, en moet die krijgen, net als Spanje.

Minister Hoekstra maakte vandaag al een draai, weliswaar een halve. ‘We zijn niet empathisch genoeg geweest, we willen wel degelijk helpen met beschermingsmiddelen.’ Dat is een begin, maar niet meer dan dat.

Rutte en Hoekstra hebben het imago van Nederland beschadigd. Italianen en Spanjaarden zijn woest, en terecht. Het is tijd voor een draai, maar dan een hele. Want je weet maar nooit hoe deze epidemie zich verder ontwikkelt, en voor je het weet, heb je zelf hulp nodig.

 

Afbeelding: flickr.com, Ebenezer Scrooge, illustrated by Ronald Searle, in Life Magazine, 1960; Elizabeth, https://www.flickr.com/photos/37217398@N02.

 

Coronastilstand

Morgen zitten we hier in Zwitserland officieel twee weken in lockdown. Winkels dicht, scholen dicht, geen bijeenkomsten en met maximaal met vijf mensen op straat. Home office en thuis blijven.

Nog nooit hebben we zoiets meegemaakt, ook onze generatie niet. Ja, toen we kinderen waren was er de oliecrisis, maar daar begrepen we niet zo veel van. Het enige wat ik er nog van weet, is dat we konden rolschaatsen op de provinciale weg van Nijmegen naar Venlo, en dat mijn vader wél mocht rijden omdat hij arts was. Maar verder? Het was leuk, spannend, anders en van heel korte duur. Een paar zondagen, geloof ik.

De coronacrisis is heel andere koek. Twee weken thuis en nog minstens drie weken te gaan. Ik verveel me geen moment, maar ik merk wel dat ik andere dingen ga doen. Kasten opruimen, kleren uitzoeken, schoenen poetsen. Ook ga ik anders kijken naar de dingen die in huis zijn. Als het binnenkort mooi weer wordt, kunnen we niet even naar de winkel om nieuwe kleren of schoenen te kopen, we moeten het voorlopig doen met wat we hebben.

Het grappige is, dat dit veel makkelijker is dan ik had gedacht. Eigenlijk hebben we niet zoveel nodig, maar als alles voor het grijpen ligt, word je lui en vooral gemakzuchtig. We zijn kinderen van de consumptiemaatschappij, al denken de meesten van ons dat dit vooral voor anderen geldt.

We zijn onverwacht en razendsnel van rennen, hollen, vliegen tot een bijna totale stilstand gekomen. Naast een drama is dit ook een kans. We hoeven nergens heen, we weten waar we zijn. Nu en de komende weken. Dat geeft rust en ruimte. Laten we die vooral gebruiken, want voor we het weten, rennen we weer.

Kennis telt weer

Een niet zichtbaar, ruikbaar of voelbaar virus heeft onze maatschappij en ons leven op zijn kop gezet. Bijna niets is meer zoals het was. Met horten en stoten wennen we aan ons bestaan in quarantaine, in lockdown, in eenzaamheid of juist in grote drukte. Veel gezinnen met kinderen zitten ineens de hele dag samengepakt in een appartement of flat, waar iedereen tot voor kort elke ochtend uitvloog. Een grote omschakeling.

Maar de grootste verandering is misschien wel de herwaardering van kennis. In onze steeds populistischer wereld kregen de ‘elites’ continu de wind van voren. Je kunt alles op internet vinden, kennis ligt op straat dus die ‘intellectuelen’ heb je helemaal niet nodig. Zakkenvullers, wereldvreemde malloten, betweters.

Hoe anders is dat nu, ineens zitten de virologen, de deskundigen, de professoren aan het roer. In Amerika hebben ze dr. Fauci, de kleine hoogbejaarde professor die geen boodschap heeft aan de onzin de Trump de wereld inslingert. Hij vertelt eerlijk wat er aan de hand is, de Amerikanen hangen aan zijn lippen. In Duitsland hebben ze professor Christian Drosten, in Nederland kun je geen site openen en krant lezen of je ziet ‘Jaap van Dissel van het RIVM’.

En hier in Zwitserland hebben we Daniel Koch, een bijna gepensioneerde arts die lange tijd in oorlogsgebieden voor het Rode Kruis heeft gewerkt. Hij straalt rust en overzicht uit, geeft ruiterlijk toe dat ook hij in dit proces fouten maakt, spreekt met een diepe stem en kijkt ons vriendelijk maar streng aan. Hij geeft geen voorspellingen, doet een dringend beroep op de bevolking om thuis te blijven en afstand te houden, zegt dat we er samen voor kunnen zorgen dat er geen ‘Ausgangssperre’ hoeft te komen, zoals in buurlanden Frankrijk, Italië en Oostenrijk.

Gisteren lichtte Koch eindelijk een tip van de sluier op. Na bijna twee weken lockdown kan hij bevestigen dat het ergste scenario is voorkomen. Nadere informatie volgt. Lang leve de experts!

Home office

Nog maar een maand geleden was home office hier in Zwitserland een beladen term. Werkgevers voelden er niet veel voor, want door home office verlies je de controle over je medewerkers, en daar houden Zwitsers niet zo van. Iedereen op kantoor, tenzij, dat was het devies.

Hoe snel is de wereld veranderd. Sinds drie weken is het motto: iedereen home office, tenzij. Massaal wordt er van huis uit gewerkt, veelal met kinderen, een extra moeilijkheidsfactor. Het is een ware cultuurshock, voor werkgevers én werknemers, meer dan in Nederland, denk ik.

We hebben op dit moment uiteraard weinig contact met de buitenwereld, maar klagen over home office is wel het laatste dat mensen hier nu doen. Het schijnt te werken, en alleen dat is al een grote ontdekking.

Voor mij is het niets nieuws, ik werk al bijna 26 jaar vanuit huis. Het heeft voor- en nadelen, je moet eraan wennen, en ja, je hebt discipline en motivatie nodig, maar als je je werk leuk vindt, gaat het prima. Toch weet ik ook dat je elkaar af en toe moet zien, anders word je een e-mailadres met een telefoonnummer, en verlies je je gezicht. Maar elke dag naar kantoor, zouden we dat post-corona echt weer gaan doen? Ik betwijfel het.

Zwanenzang

Een paar dagen geleden zag ik een ontroerend filmpje op internet. Je ziet hoe een stewardess van de KLM emotioneel afscheid neemt van de passagiers. Zij, de hele bemanning, ze weten niet hoe het nu verder gaat, met de wereld en met de KLM. En dan zingt ze de passagiers toe: ‘When will I see you again?’

Een vraag die niemand op dit moment kan beantwoorden. De luchtvaart is een van de zwaarst getroffen branches. Iedereen kan dit zien, kijk maar eens naar de hemel op een zonnige dag. Waar altijd wel een paar witte strepen in het blauw te zien waren, is het nu strakblauw. Ook de drie vliegtuigen die iedere avond over ons huis vlogen, doen dit al een dag of tien niet meer. Ze gingen naar Singapore, Hongkong en Bangkok.

Vandaag staat er een alarmerend artikel in The Guardian. Volgens de IATA verliest de luchtvaartbranche dit jaar naar verwachting 76 miljard dollar aan omzet, een teruggang van 38%. Als dat echt waar is, is dit een hamerslag.

En toch komt er een vraag bij mij naar boven. We leven nu al een paar weken zonder al dat vliegen. Managementmeetings en verkoopgesprekken kunnen kennelijk ook via Zoom, Facetime of andere kanalen, we kunnen onze vakantie best even uitstellen en die citytrip naar Barcelona, was die nou wel echt nodig?

De lucht wordt/is schoner, het lawaai rond luchthavens is dramatisch afgenomen, de CO2-uitstoot gedaald. Waarmee ik niet wil zeggen dat we het vooral maar zo moeten houden, natuurlijk niet. Maar enige bezinning is wel op zijn plaats. Misschien kunnen we best met wat minder vliegen ook een goed leven hebben. En als we dan allemaal net een beetje meer betalen voor een ticket, heeft de zingende KLM-stewardess straks ook nog een baan. Laten we er eens over nadenken.

 

 

 

 

 

 

Franse les

Het coronavirus heeft het leven van ons allen ingrijpend veranderd. Je merkt dit goed als je naar een film kijkt. Mensen begroeten elkaar met drie zoenen, gaan uit eten en lopen door drukke winkelstraten. Wanneer was dat ook alweer?

Het lijkt een eeuwigheid geleden, we zitten hier in Zwitserland dan ook al negen dagen thuis, en weten niet hoe lang dit nog gaat duren. In ieder geval tot 19 april, maar misschien ook langer. Geen fijn vooruitzicht.

Het is dus belangrijk jezelf af te leiden en bezig te houden. Met home office, als dat kan, door te wandelen met de hond, als je die hebt, door te bellen, Zoomen of Facetimen met vrienden en familie, maar vooral door het mijden van al die coronaberichten, want daar word je gillend gek van.

Toch maak ik een uitzondering voor de (bijna) dagelijkse persconferentie van de Bund. In dit viertalige land is deze steevast in de twee meest gesproken talen: Duits en Frans. En dat biedt een kans, je krijgt namelijk eerst een verhaal in bijvoorbeeld het Frans, en daarna de Duitse vertaling. Zo kun je direct checken of je het goed hebt begrepen. En geloof het of niet: ik versta het Frans elke dag beter. Wat dit nare virus niet allemaal met ons doet!

Intelligente lockdown

De coronapandemie levert een stortvloed aan nieuwe woorden op, van social distancing, covidiot, vitale beroepen tot lockdown. Dat laatste is een curieus woord. Mijn weliswaar gedateerde Shorter Oxford English Dictionary noemt wel lock up en lock out, maar niet lock down.

Razendsnel is dit begrip ingeburgerd, en dat is niet verwonderlijk, want volgens de Tagesanzeiger is inmiddels 20% van de wereldbevolking in lockdown. Iedere regering vult dit anders in, in het ene land mag je met twee personen buiten zijn, in het andere met vijf, in sommige landen heb je een formulier nodig als je je huis verlaat, in andere weer niet. Lockdown is een flexibel begrip.

Maar niet flexibel genoeg voor Nederland. En daarom heeft Nederland een eigen soort lockdown bedacht, de ‘intelligente lockdown’. Wat dit is? Een tussenstap van normaliteit naar lockdown waarin mensen kunnen laten zien dat ze zich – ik vermoed – ‘intelligent’ gedragen, wat betekent dat ze zich aan de regels houden. Doen ze dit niet, dan doet Rutte alsnog het ‘land op slot’. Een gewone flexibele lockdown dus.

 

Social distancing

Sinds een paar weken doen we aan social distancing, ook hier in Zwitserland. Nee, niet aan ‘soziale Distanz’ of ‘sozialer Abstand’, maar aan social distancing.

Ik vraag me af hoe dat komt. Misschien geeft dit aan dat het niet van ‘ons’ is, en houden we daarmee het virus op een afstand. Of misschien is het juist een teken van solidariteit, want in deze vreemde tijd waarin grenzen zijn gesloten, vliegverbindingen zijn gestopt en reizen een droom uit het verleden lijkt, hebben we behoefte aan verbondenheid. En social distancing verbindt, we doen het allemaal, over de hele wereld.

Toch is het een vreemd woord. Het gaat helemaal niet om sociale afstand, maar om fysieke afstand. Kennelijk willen we dat niet zo zeggen, misschien vinden we dat wel nog vervelender dan sociale afstand. Want die kunnen we overbruggen via internet, telefoon, social media. Maar die knuffel als je een goede vriendin weer ziet, een hand geven aan de arts, met iemand een gewoon gesprek voeren op straat, dat mag en kan niet meer.

De term social distancing is een verpakking, een nette manier om iets heel naars en ongewensts te communiceren. Social distancing, zou dit het woord van 2020 worden? Ik hoop het niet.